Projecten

Organisatie: 
Universiteit Antwerpen
A:
Prinsstraat 13 2000 Antwerpen
Projectverantwoordelijke: 
kiekens dominique
T:
03/2655349
Partners: 
ALGEMENE CENTRALE DER LIBERALE VAKBONDEN VAN BELGIE
VLAAMS A.B.V.V. SYNDIKALE DIENSTEN
hoofdzetel
Universiteit Antwerpen

ISO-AO

Ondernemingen worden geconfronteerd met steeds groeiende eisen en verwachtingen vanuit hun omgeving. Als antwoord hierop, doen zij een beroep op verschillende strategieën. Een strategie die de laatste jaren aan belang wint, onder meer doordat het beleid dit ook stimuleert, is deze van innovatieve arbeidsorganisatie. Dit betekent dat ondernemingen veranderingen aanbrengen in de manier waarop gewerkt wordt. Ze sleutelen dus aan hun arbeidsorganisatie. Dit gebeurt vanuit een efficiëntielogica. Maar ook de toenemende krapte op de arbeidsmarkt speelt hierbij een rol. Daarnaast zou ook de kwaliteit van de arbeid baat hebben bij een innovatieve arbeidsorganisatie. Dit laatste beantwoordt aan de verzuchtingen van werknemers over een stijgende werkdruk en een toegenomen flexibiliteit ten gevolge van de toenemende omgevingseisen en de antwoorden die ondernemingen hierop formuleren.Ook het beleid en de vakbonden hebben oog voor innovatieve arbeidsorganisatie. De stelling dat innovaties in de arbeidsorganisatie (verder IAO) zowel de prestaties van ondernemingen als de kwaliteit van de arbeid van werknemers ten goede zou komen, slaat aan bij het beleid. En de nadruk die wordt gelegd op de verbetering van de kwaliteit van de arbeid bekoort vakbonden en wordt aangegrepen om meer aandacht te vragen voor de sociale kant van innovaties. Dat vakbonden meer aandacht hebben voor IAO, betekent echter niet dat zij rond dit thema al veel expertise en een traditie en werking hebben kunnen uitbouwen. Dit geldt zowel voor de interne structuren van de vakbonden als op de werkvloer waar werknemersvertegenwoordigers geconfronteerd worden met IAO. Deze lacunes en het feit dat IAO niet op de overlegagenda wordt gezet, dragen ertoe bij dat het sociaal overleg rond IAO mank loopt in ondernemingen. Dit blijft niet zonder gevolgen want onderzoek leert dat de resultaten van IAO positiever en evenwichtiger zijn wanneer ze samen gaan met goed sociaal overleg. De vaststelling dat het sociaal overleg rond IAO mank loopt in ondernemingen, vormt het uitgangspunt van ISO-AO. Om aan deze problematiek tegemoet te komen, willen vakbonden meer expertise, alsook een traditie en werking opbouwen rond IAO. Om dit mogelijk te maken, willen zij een syndicaal ondersteuningsinstrument ontwikkelen voor syndicale dienstverleners (=de eindgebruikers). Dit instrument moet deze dienstverleners in staat stellen om IAO beter te herkennen, te kennen en ermee om te gaan. Via dit instrument zullen werknemersvertegenwoordigers (=de finale doelgroep) beter ondersteund worden wanneer zij in hun onderneming geconfronteerd worden met IAO. Het sociaal overleg rond IAO in ondernemingen zal hierdoor vlotter kunnen verlopen. ISO-AO effent op deze manier de weg naar innovatief sociaal overleg voor kwaliteitsvolle arbeidsorganisaties. Het ondersteuningsinstrument zal bestaan uit drie onderdelen. Het eerste onderdeel wordt een checklist ‘herkennen’ die de belangrijkste knipperlichten bevat waaraan IAO herkend kan worden wanneer het wordt doorgevoerd in ondernemingen. Het tweede onderdeel wordt een syndicaal analysekader dat zal toelaten om IAO beter te kennen. Via dit analysekader moeten de syndicale dienstverleners onder meer zicht krijgen op wat innovatieve arbeidsorganisatie is, wat de belangrijkste principes ervan zijn, wat de principes zijn van zelfsturende teams. Zowel voor de checklist ‘herkennen’ als voor het syndicaal analysekader zal een eerste aanzet gegeven worden via desk research. Beide vertrekken dus van bestaande kennis en inzichten inzake IAO. Echter, deze kennis en inzichten vertrekken niet vanuit een syndicale invalshoek, waardoor een vertaalslag noodzakelijk is. De verstaalslag zal gebeuren via de desk research, maar zal aangevuld, verder verfijnd en gevalideerd worden via syndicale projectgroepen, een lerend netwerk en een expertengroep. Dit moet ervoor zorgen dat de checklist ‘herkennen’ en het analysekader eenvoudig hanteerbaar zijn in de dagelijkse syndicale praktijk. Deze syndicale focus maakt beide onderdelen zonder meer innovatief.Het laatste onderdeel van het ondersteuningsinstrument bestaat uit een actiekader dat syndicale dienstverleners moet helpen om in de dagdagelijkse ondernemingspraktijk om te gaan met IAO. De focus ligt dus op de manier waarop processen van innovatieve arbeidsorganisatie syndicaal gemanaged kunnen worden, zodat hun uitkomst verbeteringen met zich meebrengt voor alle - of toch zeker zo veel mogelijk - werknemers. Aangezien hierover zeer weinig kennis bestaat, wordt dit actiekader ontwikkeld via de methodiek van het lerend netwerk. Daarvoor zal worden gewerkt met 5 ondernemingen waar minstens 2 van de deelnemende vakbonden werknemersvertegenwoordigers hebben en waar IAO worden of recent werden doorgevoerd. Met de werknemersvertegenwoordigers en de syndicale dienstverleners die betrokken zijn bij het sociaal overleg in deze ondernemingen, zal aan ervaringsuitwisseling worden gedaan. Op basis van hun concrete ervaringen zal het syndicaal actiekader worden opgesteld dat ook via syndicale projectgroepen en de expertengroep aangevuld en verfijnd wordt. Dit alles zal resulteren in een actiekader dat in de dagdagelijkse syndicale praktijk van verschillende types ondernemingen inzetbaar is. Ook dit onderdeel van het ondersteuningsinstrument zal dus vernieuwend zijn. De inbedding van het ondersteuningsinstrument gebeurt reeds bij het beperkt aantal syndicale dienstverleners dat deelneemt aan het lerend netwerk. Voor de ruimere inbedding zullen workshops worden ontwikkeld waarmee, in elke vakbond en in meerdere sessies, een ruime groep van syndicale dienstverleners zal worden bereikt. Via deze workshops zal ook worden gezocht naar concrete cases waarin het ontwikkelde ondersteuningsinstrument in de praktijk kan worden ingezet. De verdere inbedding en bekendmaking van het ondersteuningsinstrument zal in gans Vlaanderen gebeuren via de bestaande structuren binnen elke vakbond. Tevens zal er voor de verspreiding van het ondersteuningsinstrument een beroep worden gedaan op andere dienstverleners (bv. Flanders Synergy, de Stichting Innovatie en Arbeid).

ESF goedgekeurd bij aanvraag / ESF approved on request: 
€160 781.00
VCF goedgekeurd op aanvraag / VCF approved on request: 
€160 781.00
Andere financiering goedgekeurd bij aanvraag / Other financing approved on request: 
€3 248.00
TSK goedgekeurd bij aanvraag / Total eligible costs approved on request: 
€324 810.00
ESF uitbetaald bij eindsaldo / ESF paid at closing balance: 
€151 578.00
VCF uitbetaald bij eindsaldo / VCF paid at closing balance: 
€151 578.00
Andere financiering uitbetaald bij eindsaldo / Other financing paid at closing balance: 
€3 774.00
TSK uitbetaald by eindsaldo / Total eligible costs paid at closing balance: 
€306 931.00
Medefinanciëringspercentage Europese fondsen / Co-financing rate European funds: 
Project ID: 
3701
Oproep: 
Innovatie 2010-2011 ronde VIII
Thema's: 
Aangepaste arbeidsorganisatie
Programma: 
ESF 2007-2013
Prioriteit: 
04
Project status: 
Afgesloten
Laatste update: 
05/08/2019
Looptijd van het project: 
01/10/2012 tot 30/09/2015